Functionele chirurgie van de slokdarm en de maag (hiatale hernia, gastro-oesofageale reflux)
Waar gaat dit over?
Gastro-oesofageale refluxziekte is een veelvoorkomende aandoening die gekenmerkt wordt door het terugstromen van een deel van de maaginhoud door de slokdarm. De klachten die patiënten melden zijn:
- brandend gevoel op de borst;
- opgaves van vloeistof, soms tot in de mond;
- opgaves bij het vooroverbuigen;
- nachtelijk ontwaken;
- hoesten, herhaalde luchtweginfecties (irritatie van de KNO- en ademhalingswegen in liggende positie).
De behandeling is een operatie van de hiatale breuk met een antirefluxklep.
Uw behandeling
De ingreep
De ingreep wordt uitgevoerd onder algehele anesthesie en via een laparoscopie met kleine incisies (van 5 tot 10 mm), wat zorgt voor een snellere hervatting van het normale leven, minder postoperatieve pijn en een beter esthetisch comfort.
De breuk wordt in de buik teruggeplaatst met een antirefluxklep, hetzij volledig (Nissen, zie onderstaand schema) hetzij gedeeltelijk (Toupet). De pijlers van het middenrif worden naar elkaar toe gebracht om de hiatus hernia te sluiten en recidieven te voorkomen.
In bepaalde gevallen hebben patiënten die lijden aan gastro-oesofageale reflux een korte slokdarm; er wordt dan een verlengende gastroplastiek voorgesteld.
De keuze van de techniek zal vooraf door uw chirurg aan u worden uitgelegd.
De antirefluxchirurgie door fundoplicatie volgens NISSEN
De hiatale hernia
De ziekenhuisopname
- U wordt op de dag van de operatie opgenomen.
- U blijft meestal één of twee nachten in het ziekenhuis.
- Uw vitale functies worden na de operatie in de uitslaapkamer en vervolgens tijdens de opname in het ziekenhuis gecontroleerd.
- U gaat geleidelijk weer eten, meestal al vanaf de avond: eerst vloeibaar en daarna halfvloeibaar (puree).
- Voor uw vertrek vindt er een diëtistisch consult plaats en vervolgens wordt er een multidisciplinaire opvolging georganiseerd.
De opvolging
Een controleconsult is gepland 10 tot 15 dagen na de ontslagdatum uit het ziekenhuis. Uw chirurg zal de littekens controleren en de eventuele resterende hechtingen verwijderen.