Endoscopische Retrograde Cholangio-Pancreaticografie (ERCP)

Wat is Endoscopische Retrograde Cholangio-Pancreaticografie (ERCP)?

ERCP is hoofdzakelijk een onderzoek dat bedoeld is om een behandeling uit te voeren ter hoogte van de galwegen of de alvleesklier (pancreas). Deze behandeling kan bestaan uit het verwijderen van galstenen, het draineren van de pancreas en/of de galwegen, het plaatsen van een prothese, enz. Soms wordt de ERCP uitgevoerd na extracorporele shockvergolving (niersteenvergruizing) om pancreaskiezels te evacueren.

Hoe wordt de ERCP uitgevoerd?

De galwegen en alvleeskliergangen monden uit in het eerste deel van de dunne darm (twaalfvingerige darm of duodenum) via een opening in een klein heuveltje dat de papil van Vater wordt genoemd. Bij het onderzoek wordt een endoscoop via de mond tot in de twaalfvingerige darm geschoven. Het vindt plaats in een gecombineerde ruimte voor endoscopie en radiologie. Diagnostische katheterisatie bestaat uit het inbrengen van een katheter in de papil via de endoscoop om contrastvloeistof in te spuiten in de galwegen en/of de alvleeskliergangen. Vervolgens worden er röntgenfoto's gemaakt, waarna in dezelfde zitting de behandeling wordt uitgevoerd.

De eerste fase van de behandeling bestaat meestal uit het openmaken van de opening van de galbuis (choledochus) of de alvleeskliergang met behulp van een elektrisch mesje (endoscopische sfincterotomie). Vervolgens kunnen de stenen worden verwijderd met behulp van een korfje of een ballonnetje, eventueel nadat ze eerst zijn verkleind. In geval van vernauwing kan de galbuis worden verwijd met een opblaasbaar ballonnetje. Er kan ook een definitieve of tijdelijke plastic of metalen stent (of prothese) door deze vernauwing heen worden geplaatst. Soms is het nodig om de endoscopie te herhalen om de behandeling te voltooien nadat de therapeutische mogelijkheden zijn besproken.

In bepaalde gevallen gebruiken we ook minivideocamera's om in de galwegen (cholangioscopie) of de pancreas te kijken, waardoor we stenen met een laser kunnen vergruizen of biopten kunnen nemen in zones die verdacht zijn voor een tumor. ERCP is ook mogelijk na een galweg-, pancreas- of maag-darmoperatie (zoals een maagbypass) door gebruik te maken van een enteroscoop.

ERCP wordt uitgevoerd door CO2 in het spijsverteringslumen te blazen (om het verrichten werk te kunnen zien), wat de opgeblazenheid en het ongemak na het onderzoek vermindert. Tijdens de procedure wordt vaak een ontstekingsremmend zetpil toegediend om het risico op complicaties (pancreatitis) verder te verminderen.

Tussen elke patiënt en volgens de geldende aanbevelingen wordt de endoscoop desinfecteerd en worden de gebruikte accessoires gesteriliseerd of weggegooid (materiaal voor eenmalig gebruik) om mogelijke overdracht van infecties te voorkomen.

Om de verdraagbaarheid van het onderzoek te verbeteren, wordt er altijd een algehele anesthesie toegepast. Het is de taak van de anesthesioloog-reanimator om uw vragen over zijn/haar specialisme te beantwoorden.

Hoe moet u zich voorbereiden op een ERCP?

U moet strikt nuchter zijn (niet drinken, niet eten en niet roken gedurende de 6 uur voorafgaand aan het onderzoek). Licht uw arts altijd in over uw allergieën en de medicijnen die u gebruikt (in het bijzonder middelen die de bloedstolling beïnvloeden, zoals Sintrom, Plavix, Xarelto, Eliquis, Pradaxa of andere nieuwe anticoagulantia). Voor het onderzoek moet u een kunstgebit en een bril verwijderen.

Hoe lang duurt het onderzoek?

ERCP is een moeilijk onderzoek dat kan worden vergeleken met een endoscopische chirurgische ingreep. De duur varieert dus naargelang de indicatie (het duurt bijvoorbeeld langer om tien stenen uit een galweg te verwijderen dan om er één te verwijderen) en naargelang de technische moeilijkheden die men tegenkomt. Reken op minstens 20 minuten en het onderzoek kan soms tot 2 uur duren. Hierbij moet u nog de tijd optellen om u in de onderzoeksruimte te installeren, de anesthesie en het ontwaken. Het is vervolgens gebruikelijk om 1 tot 3 uur in de uitslaapkamer te blijven voor observatie door de anesthesiedienst, net zoals na een chirurgische ingreep.

Wat zijn de nadelen van het onderzoek?

U voelt niets tijdens het onderzoek, aangezien u onder algehele anesthesie bent. Bij het ontwaken kunt u enerzijds de bijwerkingen van de anesthesie (slaperigheid, misselijkheid, vermoeidheid) ervaren en anderzijds de nadelen van de endoscopie (een onaangenaam gevoel in de keel of in de mond en lippen, een opgeblazen gevoel, winderigheid, diarree).

Pijn als gevolg van het opgeblazen gevoel en de handelingen aan de alvleesklier en galwegen komt vaak voor in de twaalf uur na het onderzoek. Er worden regelmatig pijnstillers toegediend, ook op uw verzoek. Soms wordt er gedurende één tot zeven dagen een tijdelijke drainage van de pancreas of galwegen uitgevoerd via een drain die door de neus loopt. Deze drain kan ongemak veroorzaken in de neus en de keel. Soms is het toegestaan om te eten terwijl de drain op zijn plaats zit.

Het is niet toegestaan om te eten op de dag van het onderzoek. De voeding wordt de volgende dag hervat, tenzij er complicaties optreden of het nodig is om andere onderzoeken uit te voeren.

 

Welke complicaties kunnen optreden tijdens het onderzoek?

Elke medische handeling, onderzoek of ingreep op het menselijk lichaam – zelfs uitgevoerd onder omstandigheden van bekwaamheid en veiligheid die in overeenstemming zijn met de huidige medische inzichten en de geldende regelgeving – brengt een risico op complicaties met zich mee. De meest voorkomende complicaties van therapeutische ERCP (endoscopische sfincterotomie en bijbehorende behandelingen) zijn: acute pancreatitis, infectie van de galwegen of de galblaas, perforatie van de wand van het spijsverteringskanaal, en gastro-intestinale bloeding. De frequentie van elk van deze complicaties is in de orde van 1-4%.

Andere complicaties zijn uitzonderlijk, zoals cardiovasculaire of respiratoire problemen. Deze complicaties kunnen in de hand worden gewerkt door uw medische en chirurgische voorgeschiedenis of door het gebruik van bepaalde medicijnen.

Al deze complicaties kunnen het noodzakelijk maken om het moment waarop weer mag worden gegeten uit te stellen, de ziekenhuisopname te verlengen, of een nieuwe endoscopie of operatie vereisen. Een bloeding kan ertoe leiden dat bloedtransfusies of bloedderivaten moeten worden toegediend.

Complicaties treden meestal op tijdens de endoscopie, maar kunnen zich ook een aantal dagen na het onderzoek manifesteren (buik- of borstpijn, koorts, rillingen, enz.). Het is dan erg belangrijk om onmiddellijk contact op te nemen met de arts en/of de anesthesioloog die voor u heeft gezorgd via 02 764 28 23 of 02 764 11 11 en te vragen naar semafoon 2839. Indien het onmogelijk is om met hen in contact te komen, is het zeer belangrijk om zeer snel contact op te nemen met uw huisarts.

Alternatieven

Echografie, CT-scans, endo-echografie en soms MRI worden vaak uitgevoerd vóór een ERCP. Met een MRI kunnen de kanalen van de lever en de pancreas goed in beeld worden gebracht en, als deze normaal zijn, kan een ERCP worden vermeden.

ERCP is echter het enige onderzoek dat een gelijktijdige behandeling mogelijk maakt (het verwijderen van een steen – het plaatsen van een prothese). Een chirurgische behandeling kan een alternatief zijn voor de endoscopische behandeling, maar vereist een langer ziekenhuisverblijf en brengt grotere risico's met zich mee, met name bij oudere personen.

In geval van weigering

Als het onderzoek dat uw huisarts of specialist heeft voorgesteld niet wordt uitgevoerd, kan dit nadelige gevolgen hebben voor uw gezondheid. Een steen in de hoofdgalweg (choledochus), een goedaardige aandoening, die op zijn plaats blijft zitten, kan leiden tot een ernstige en soms fatale infectie.